Blog

Ik schrijf, dus ik ben… een taalpurist?

In 2014 ben ik gestart met deze site. Toen stonden daar verhalen, essays en blogs op. Ik was net afgestudeerd en zoekende, probeerde vele stijlen uit met alle gevolgen van dien. Zo schreef ik een blog over ‘vroegah’ en mijn prachtige carrière in de wereld der amateur kindermusicals. In die blog maakte ik halverwege een stijlbreuk: ik besloot de tijd waarin ik schreef aan te passen, waardoor de tekst niet meer liep. En dat heb ik geweten.

Inhoud versus vorm

In de reacties onder mijn blog zat een man die mij hier op aansprak. Niet constructief, eerder bespottend, want hoe dúrfde ik mezelf een schrijver te noemen terwijl ik d/t fouten maakte. Ik las de blog terug en realiseerde me dat ik inderdaad wat te vroeg op publiceren had geklikt. In een reactie bedankte ik de man voor de oplettendheid en legde hem uit waar het fout ging: ik was zo bezig met de inhoud – wat ga ik vertellen – dat ik minder oog had voor de vorm en geen dubbelcheck deed. Grappig genoeg pik ik dat soort fouten bij andere teksten er zo uit.

Schrijfvouten staan gelijk aan incompetentie

Helaas trof ik in dit geval een cyberbully. Hij vond het ronduit slordig en ging vervolgens nog een tijdje door met commentaar geven op een aantal van mijn blogs. (Commentaar dat overigens verder ging dan alleen spelling en grammatica. Wanneer je iets over jezelf deelt online, bijvoorbeeld op social media, ervaren anderen dat nou eenmaal als een vrijbrief om niet constructieve (lees: lelijke) dingen (over je) te zeggen.) Dit zorgde ervoor dat ik krampachtig ging nadenken over alles dat ik online wilde zetten.

Zag ik een fout over het hoofd? Durf ik dit wel over mezelf te zeggen? Kan iemand hier negatief op reageren?

Het haalde al mijn enthousiasme om te vertellen onderuit. Ik schreef een tekst, durfde er een dag niet naar te kijken, herschreef soms vier of vijf keer een alinea. Trouwe lezers vertelden me dat mijn teksten niet langer sprankelden, maar kabbelden.

Genadeloos afgemaakt. Risico van het vak?

Als tegenreactie schreef ik uiteindelijk een blog over taalpuristen, een beetje zoals deze. En er gebeurde iets wonderbaarlijks: er ontlook een discussie op mijn website. Ik schreef in de tegenreactie dat ik, na veel nadenken, niet vind dat een schrijver per definitie een taalkundige moet zijn. Ik lees veel boeken en kom met regelmaat een fout tegen, die fout is soms een miljoen keer gedrukt. Mogen deze mensen – met een miljoenen oplage – zichzelf geen schrijver noemen?

Begrijp me niet verkeerd, een tekstschrijver moet vaardig zijn met taal. Punt. Foutloze teksten schrijven is ook zeker iets waar een tekstschrijver naar moet streven, maar: fouten worden nou eenmaal gemaakt.

Er zit een mens achter de tekst. Mensen maken fouten. Dus ook een tekstschrijver maakt wel eens een taalfout.

En precies daar waren de meningen over verdeeld. Want de hele reden dat je een tekstschrijver inhuurt is omdat je foutloze teksten krijgt, niets meer en niets minder. Als dat zo was, hoef je alleen maar de spelling- en grammatica controle in Word aan te zetten: et voila, je bent een schrijver!

Foutloze teksten zijn niet meteen goede teksten

Ik vind foutloze spelling en grammatica details, de echte kunst zit ‘m in al het andere werk. Hoe breng je een idee tot leven? Wat laat de lezer doorlezen? Hoe breng ik mijn boodschap goed over? Het doorvragen, de kern achterhalen, goed luisteren en beter navertellen, schrijven en schrappen; dát onderscheidt de tekstschrijver van een taalpurist.

Een goede tekst voor mij:

  • leest lekker;
  • spreekt je aan;
  • roept emotie op;
  • maakt nieuwsgierig;
  • heeft een logische opbouw;
  • is foutloos

“Easy reading is damn hard writing”

– Nathaniel hawthorne
Onze taal

Welke tekst goed is, is natuurlijk hartstikke subjectief. De een houdt van J.K. Rowling en de Harry Potter reeks, de ander verslindt Jan Wolkers. Waar de een houdt van laagdrempelige teksten, vindt de ander dat veel te ‘popie jopie.’ Hetzelfde geldt voor foutloos Nederlands. Onze taal is altijd in beweging, vroeger was het not done om ‘hun hebben’ te zeggen, tegenwoordig kom je er mee weg. Net als de als/dan discussie: ‘Jouw taalkennis is groter als de mijne.’ Jeukt het al? Mag tegenwoordig, want Genootschap Onze Taal heeft onderzocht dat het in de 16e eeuw gebruikelijk was om ‘groter als’ te zeggen en ‘groter dan’ dus een verbastering van de Nederlandse taal is.

Taalkennis en gevoel voor taal

De discussie vind ik dus heel interessant, ‘wat maakt een schrijver een schrijver’. Taalkennis is een voorwaarde, maar niet de kern. Gevoel voor taal en weten hoe je een verhaal vertelt zijn voor mij veel relevantere voorwaarden. Op die kwaliteiten onderscheiden verschillende schrijvers ook van elkaar, want niet elke schrijver schrijft hetzelfde, maar van allemaal mag je toch zeker taalkennis verwachten.

Uiteindelijk ben ik dus blij dat die cyberbully destijds mijn neus op de feiten drukte. De daarop volgende discussie heeft me aan het denken gezet. Ik durf met droge ogen te zeggen dat een goede tekstschrijver ook d/t fouten maakt. Een écht goede tekstschrijver haalt ze er alleen wel uit voordat hij de definitieve versie naar de klant stuurt 😉

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Ik weet het, ik weet het. Niemand houdt van cookies (behalve misschien chocolate-chip), maar deze website maakt er wel gebruik van. Als je doorgaat met het gebruiken van deze website, ga ik er vanuit dat je ermee instemt.  Meer info